naar top
Menu
Logo Print

NOG WERK AAN BELGISCHE DATAGEDREVEN ECONOMIE

België haalt nipt nog Europese top tien data-innovatie

Uit een recente studie van het Center for Data Innovation blijkt dat data-innovatie een belangrijk en groeiend deel van de Europese economie is, maar dat de lidstaten niet allemaal klaar zijn om de vruchten ervan te plukken. Ruim na de drie koplopers Denemarken, Finland en Nederland sluit België nog net de top tien van de algemene ranking. Dit artikel gaat dieper in op de 31 indicatoren die de wereldwijde denktank gebruikte om de rangschikking op te stellen. Met dit rapport wil het centrum ook beleidsmakers tips meegeven waarmee de data-innovatie in hun land een boost kan krijgen.


STATUS EU DATA-INNOVATIE

Data-innovatie - het innovatieve gebruik van gegevens om sociale en economische voordelen te creëren - drukt haar stempel op Europa. Economisch gezien heeft data-innovatie rond de 300 miljard euro bijgedragen aan de Europese economie in 2016 (ongeveer 2% van het BBP). Verwacht wordt dat deze waarde tegen 2020 nog meer dan verdubbelt. Op maatschappelijk vlak zorgt het innovatieve gebruik van gegevens voor meer responsieve overheden, een betere gezondheidszorg en meer veilige steden.

Ongelijke verdeling oplosbaar

De vruchten van data-innovatie worden echter niet door alle EU-lidstaten in gelijke mate geplukt. Het goede nieuws echter is dat de achterstand van sommige landen perfect in te halen is door te investeren in de onderbouw van de data-economie. Zo kunnen de achterblijvers van vandaag de koplopers van morgen worden. Het rapport van het Center for Data Innovation identificeert gebieden waarin lidstaten het goed doen én de zones waarin verbeteringen mogelijk zijn.


3 CATEGORIEEN, 31 INDICATOREN

Het rapport analyseert de relatieve sterkte van de lidstaten met 31 indicatoren, die verdeeld zijn over drie categorieën van assets die datagedreven innovatie aanmoedigen en mogelijk maken.

Data

Deze categorie evalueert de beschikbaarheid van bruikbare data en de effectiviteit van het regeringsbeleid bij de promotie van de toevoer en het (her)gebruik van gegevens. Indicatoren hier zijn onder andere de grootte van de nationale data-economie, de datasharing in de gezondheidszorg, de mate en impact van het 'open data'-beleid en de sterkte van de informatievrijheidswetten.

Technologie

De beschikbaarheid en het gebruik van digitale sleutelinfrastructuur zoals Internet of Things,e-government en hogesnelheidsbreedbandnetwerken zijn indicatoren die de categorie technologie definiëren.

Mensen en bedrijven

De evaluatie van mensen en bedrijven gebeurt met het onder de loep nemen van het gebruik van datagedreven technologie in de werkplek, het gewicht van digitale skills en de rol van het onderwijs en het maatschappelijke middenveld in de ontwikkeling van dergelijke skills.


RESULTATEN

Zoals eerder aangegeven, zit er een significant verschil in de mate waarin EU-lidstaten hun economie en samenleving getransformeerd hebben door middel van data. Sommige van deze verschillen zijn een reflectie van onderliggende economische omstandigheden, maar soms ook het gevolg van verschillen in beleid.

 

Top 5: leiderschap en beleid

Algemene data-innovatieDe Europese koplopers in data-innovatie zijn Denemarken, Finland, Nederland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk. Lidstaten met een hoger inkomen per capita scoren in het algemeen beter dan naties met een lager inkomen. Er is een gematigde positieve lineaire correlatie van 0,49 tussen het inkomen per capita van lidstaten en hun scores op de data-innovatie-index. Alhoewel de landen in de top 5 elk een BBP per capita hebben dat boven het EU-gemiddelde ligt, is inkomen geen garantie op een sterke prestatie op het vlak van data-innovatie. Andere landen met hoge inkomens (zoals Duitsland en Frankrijk) scoren minder hoog op data-innovatie, terwijl naties met een lager inkomen per capita (bv. Estland) wel beter scoren. Hierdoor kunnen we constateren dat nationaal leiderschap en publiek beleid effectiever zijn voor het scoren met data-innovatie.

Vijf kneusjes en corruptie

Griekenland, Kroatië, Hongarije, Bulgarije en Cyprus bengelen aan de staart van het peloton. De vijf kneusjes van de klas hebben een BBP per capita onder het EU-gemiddelde; maar hebben als opvallendste kenmerk ook de hoogste niveaus van corruptie binnen Europa. Er is een sterke omgekeerde correlatie van 0,88 tussen de corruptiegraad en de eindscore. Corruptie kan het beleid doen ontsporen en de effectiviteit van een regering ondermijnen. Deze conclusie versterkt de idee van het belang van verantwoordelijke en sterke instituties en effectieve beleidsvoering. Open data en 'vrijheid van informatie'-wetten kunnen niet op hun eentje endemische corruptie of institutionele zwakheid oplossen, maar het zijn handige tools om de transparantie te promoten die nodig is om zulke problemen te bekampen.


Belgische resultaten uitgelicht

DRIE AANBEVELINGEN

Landen die de aansluiting dreigen te missen, kunnen daar iets aan doen. Het centrum geeft drie tips mee. Volgens hen zal dit de landen helpen om het hoofd te bieden aan toekomstige socio-economische uitdagingen.

Maximale toevoer van herbruikbare data

Regeringen vermijden het best wetten en reguleringen die de toevoer en flow van gegevens bemoeilijken. Denk daarbij aan overdreven strikte databeschermingsregels en een streng gegevenslokalisatiebeleid. Daarnaast moet ook de datatoevoer worden gestimuleerd door o.a. open data en vrijheid van informatie.

Verbeterde infrastructuur in steun

De ontwikkeling van belangrijke technologische platforms zou aangemoedigd moeten worden. Zaken als breedband, digitale publieke dienstverlening, smart meters, smart cities … zijn enablers voor data-innovatie.

Datawetenschappen en -geletterdheid

Door middel van het onderwijssysteem, het politieke beleid en professionele trainingsprogramma's moeten regeringen werk maken van de ontwikkeling van datagerelateerde skills. Die kunde is noodzakelijk voor data-innovatie. 

 

CENTER FOR DATA INNOVATION

Het Center for Data Innovation is een wereldwijde denktank die de intersectie van data, technologie en publiek beleid bestudeert. Met kantoren in Washington DC en Brussel formuleert en promoot het centrum pragmatisch publiek beleid voor een maximalisatie van de voordelen van datagedreven innovatie.

Meer info op www.datainnovation.org.